LBC-NVK
17.09.2014
Goedenacht
Banner
Home | Sitemap |EN
Terug | Contact
Help | Registreren
 
 
LBC-NVK †>† Sectoren †>† Industrie †>† PC 209 Metaal †>† Vormingsfonds
Printen | Delen
 
 

 

OpleidingsCV voor werknemers

De mogelijkheid voor het uitbouwen van een boeiende loopbaan wordt voor een groot deel bepaald door de onderwijskansen en vormingsmogelijkheden die de werknemer krijgt. Ook de vorming tijdens de loopbaan wordt steeds belangrijker.

In de jaren '70 voerde de Christelijke Arbeidersbeweging (KAB) strijd voor het recht op 'kredieturen' voor jonge werknemers.  Later werden de kredieturen omgevormd tot het Betaald Educatief Verlof, wat nog steeds een belangrijk recht is voor werknemers.
Toch zijn de vormingskansen van werknemers nog steeds ongelijk verdeeld. Hoe hoger de onderwijsopleiding hoe meer mogelijkheden de werknemer heeft om in de onderneming bijscholing en vorming te volgen.

Met de nationale CAO 2007 Ė 2008 hebben we in de metaalsector een verdere stap gezet naar meer vormingskansen voor bedienden en kaderleden.

  1. Meer financiŽle middelen
    Zowel voor de vorming van de werknemers die minder mogelijkheden hebben op de arbeidsmarkt als van de werknemers die sneller slachtoffer dreigen te worden van ontslag bij herstructureringen is de financiŽle bijdrage van de ondernemingen verhoogd (de zogenaamde risicogroepen).  Ook de algemene bijdrage voor opleiding is verhoogd.

  2. Meer tijd voor vorming
    De ondernemingen moeten vanaf januari 2008 minstens 1,2% van alle door de bedienden gepresteerde uren aan vorming besteden.  In de ondernemingsraad (OR) moet elk jaar geŽvalueerd worden of de werkgever dit opleidingsengagement nakomt.  In ondernemingen zonder OR moet de werkgever dit bespreken met de syndicale afvaardiging (SA)

  3. Verplicht opleidingsplan in ondernemingen vanaf 50 werknemers
    In ondernemingen vanaf 50 werknemers moet de werkgever elke jaar voor 31 maart een opleidingsplan opstellen. Hierbij moet een overzicht worden gegeven van alle opleidingsbehoeften in de onderneming en de vorming die georganiseerd zal worden.
    Dit plan wordt voorgelegd op de OR (ondernemingen met meer dan 100 werknemers) of aan de SA (ondernemingen met minder dan 100 werknemers). Ook over de uitvoering van het plan moet jaarlijks gerapporteerd worden aan de OR of SA.

  4. Opleidings CV voor elke werknemer
    Als voorlopig laatste sluitstuk in de uitbouw van vorming in de sector wordt vanaf 1 januari 2008 een opleidings CV ingevoerd voor elke werknemer in de sector. Elke werkgever moet voortaan voor elke bediende een overzicht bijhouden van de uitgeoefende functies en de gevolgde opleidingen in de onderneming.

OpleidingsCV

Jaarlijks moet de werknemer automatisch (bv. samen met de overhandiging van zijn loonoverzicht of zijn fiscale fiche) een kopie van zijn opleidingsCV krijgen. Bij die gelegenheid heeft de werknemer de mogelijkheid om binnen de 3 maanden eventuele correcties te laten aanbrengen met betrekking tot de voorbije periode. Ook bij uitdiensttreding uit de onderneming moet de werknemer een kopie krijgen.

Het opleidingsCV is een persoonlijk document. Enkel de betrokken werkgever en de werknemer hebben er inzage in. Het wordt niet aan derden overgemaakt (tenzij eventueel door de werknemer zelf). Het kan evenmin onder werkgevers doorgegeven worden. Het mag ook geen testresultaten bevatten.

Werkgevers die geen eigen formulier (willen) opmaken voor het inventariseren van de opleidingen kunnen gebruik maken van een modelformulier dat in het Paritair Comitť is uitgewerkt en dat vanaf  1 juli ter beschikking is van de ondernemingen.

Naast het eigenlijke opleidingsCV is er ook een tweede document waarop de werknemer zelf zijn opleidingen en functies van in het verleden (bij een vroegere werkgever of zijn schoolse opleiding) en de opleidingen die hij op eigen initiatief of zonder tussenkomst van zijn werkgever volgt, kan bijhouden.

Met het opleidings CV kan de werknemer zijn positie op de arbeidsmarkt versterken.
De OR en de SA zijn bevoegd om na te gaan of de werkgever deze CV voor alle werknemers correct opstelt.

________________________________________________________________________________________________

INOM, Bedienden Vlaanderen, Vormingsfonds van de metaalnijverheid (PC 209)

Het Vormingsfonds organiseert initiatieven rond vorming en opleiding voor bedienden.

Elke bediende in de metaalsector heeft het recht om tijdens de werkuren deel te nemen aan vormingscursussen. Dit is vastgelegd in een nationale CAO.
Deze cursussen worden gefinancierd door een bijdrage die alle werkgevers betalen aan INOM, het Instituut voor de Naschoolse Opleiding van bedienden in de Metaalsector. De opleidingen zelf worden georganiseerd door de provinciale vormingsfondsen.
Voor een overzicht van de cursussen en de praktische modaliteiten kan je terecht bij het fonds van de provincie waar je onderneming gevestigd is:

  • Oost- en West-Vlaanderen:  
    VORMETAL
    Tramstraat 61 
    9052 Gent/Zwijnaarde
    www.vormetal.be

  • Antwerpen: 
    VIBAM
    Filip Williotstraat 9
    2600 Berchem (Antwerpen)
    www.vibam.be

  • Limburg: 
    LIMOB
    Guldensporenplein 6
    3500 Hasselt
    www.limob.be

  • Brabant:
    OBMB
    Leuvensesteenweg 467
    1030 Brussel
    www.femb-obmb.be

Deze provinciale fondsen worden paritair beheerd (in een gelijke verhouding door werkgevers- en werknemersafgevaardigden).  

Meer informatie over het INOM, het Vormingsfonds van de Metaalnijverheid kun je lezen op de eigen website 

Home  |  Actualiteit †|† Ledenvoordelen †|† Wie zijn wij †|† Publicaties en documentatie †|† Sectoren †|† Sociale wetgeving †|† Van A tot Z  |  Contact
Disclaimer