Winkels langer open?

"Plannen open VLD voor winkels zijn vergiftigd geschenk"

winkelkar
Open VLD wil winkels de mogelijkheid geven om pas om 22 uur te sluiten, en niet uiterlijk om 20 uur. Met haar wetsvoorstel wekt de partij de indruk dat ze vooral het laatavondpubliek ter wille wil zijn. Een uitbreiding van de openingstijden zou vooral buurt- en centrumwinkels, eigendom van lokale middenstanders, ten goede komen. “Voor ons gaat het om een vergiftigd geschenk”, onderstreept Chris Van Droogenbroek, nationaal secretaris Distributie bij de vakbond LBC-NVK.
De lokale bakker, slager of kruidenier staat helemaal niet te popelen om zijn of haar winkel tot 22 uur open te houden. Hetzelfde geldt voor de boekhandel, de doe-het-zelf-winkel of de modezaak in onze dorpen of steden.
Wettelijk gezien kunnen winkels nu al alle dagen (met uitzondering van de rustdag) open zijn tot 20 uur. Op vrijdag en aan de vooravond van een feestdag kan dat zelfs tot 21 uur. Winkels van ketens openen steeds vaker tot 20 of 21 uur, vooral dan op baanlocaties. Maar de meeste kleinhandelszaken in dorpen en stadscentra gebruiken de huidige mogelijkheden niet. De reden is simpel: die late uren leveren dikwijls te weinig omzet op en zijn dus eerder kostenverhogend. Bovendien is de kans groot dat de winkelier zelf mee in de winkel moet staan, van de opening tot aan de latere sluiting. Langer open zijn komt zo neer op nog minder rust en oplopende kosten.

Alternatieven genoeg

“Waarom zouden we het voorstel zinvol of fantastisch moeten vinden?”, bedenkt Van Droogenbroeck. “Er zijn nu al alternatieven. Frituren, restaurants en andere horecazaken zijn niet gebonden door het sluitingsuur voor winkels. En de nachtwinkels genieten nét van een uitzondering op het sluitingsuur voor winkels zodat consumenten de kans hebben om op niet-reguliere winkeltijden nog aankopen te kunnen doen. Waar is dus het probleem?”
Wie wel met het voorstel van Open VLD zijn voordeel kan doen, is net die groep van winkels waarop de partij niet mikt. De winkels van de grootdistributie die vaker gevestigd zijn langs grote verkeersaders, weg van het centrum. Winkels met een grotere verkoopoppervlakte die meer omzet draaien en sowieso al meer personeel te werk stellen. Dit soort zaken in de kaart spelen wil eigenlijk zeggen dat je het ‘kernversterkend winkelbeleid’ van de Vlaamse regering ondergraaft. De ‘baanwinkels’ zullen onze stadscentra nog meer leegzuigen. De leegstand zal extra toenemen en de centra zullen aan aantrekkelijkheid inboeten.

Geen extra jobs

“Onze inschatting is dat het voorstel van Open VLD geen extra jobs zal creëren”, stelt Van Droogenbroeck. “Er zal alleen tewerkstelling verschuiven. De tewerkstelling zal ook meer verschuiven naar a-typische momenten, nadelig voor gezin en samenleving.”
De vakbond constateert dat winkelpersoneel nu al zeer flexibel moet zijn op het vlak van ‘beschikbaarheid’. “En dat maakt het leven van deze werknemers er niet eenvoudiger op. Heel vaak hebben ze geen vast uurrooster, maar een rooster dat wisselend is. Heel wat winkelbedienden zijn betrekkelijk jong. Laatavondwerk is voor jonge gezinnen een extra obstakel. En wie later moet werken, heeft ook kinderopvang nodig, wat geld kost.”
Voor Van Droogenbroeck ligt het voor de hand dat winkelbedienden ook extra vergoed willen worden als ze later moeten werken. Om nog te zwijgen over de extra veiligheidsrisico’s als er later moet worden gewerkt.
“Onze conclusie is dat de distributie al genoeg wordt belaagd”, zegt de vakbondsman. “Meer dan ooit heeft de sector behoefte aan stabiele regels en afspraken.”