Schuldbekentenis van een vakbondsman

Met deze wens ik me oprecht te verontschuldigen voor mijn “negatieve” houding in het verleden ten opzicht van onze weldenkende politici en werkgevers.
Ik werd er terecht van verdacht vervallen te zijn in een ouderwets conservatisme, waardoor ik me blindstaarde op in het verleden behaalde, niet nuttige verworvenheden voor de werknemers.
Ik was er van overtuigd dat een warme solidaire samenleving belangrijk was voor een intelligente maatschappij, maar dankzij onze vriend Dalrymple zag ik de waarheid. Hij leert ons dat bij mensen die problemen hebben, dit meestal te wijten is aan hun eigen gemakzucht en gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel. Blijkbaar werkt onze verzorgingsmaatschappij deze mentaliteit sterk in de hand. 
Dank, grote dank, dat jullie nu mijn ogen hebben geopend. Nu pas merk ik dat jullie het beste voor hebben met onze commerciële maatschappij.
Sinds oktober 2014 is er een maatschappijvisie ontwikkeld die bol staat van moderne progressieve ideeën. De werknemers kunnen nu langer werken, mogen flexibel met hun arbeidstijd omgaan, zullen later vreugde hebben aan hun zelf betaalde rustpauzes via het loopbaansparen, ... 
Met dit schrijven wil ik jullie van harte feliciteren met de vele nuttige maatregelen die de regering het laatste anderhalf jaar heeft genomen om mijn loopbaan nog aantrekkelijker te maken.
Na een korte studieronde konden we reeds heel vlug het welslagen van deze wonderbaarlijke regering ondervinden. Een kleine en beperkte opsomming van hoe de problemen eindelijk worden opgelost.
Nadat iedereen er al geruime tijd op mediatieve wijze werd van overtuigd dat we met zijn allen langer moeten blijven werken - Fere libenter homines id quod volunt credunt (*), of wat hen werd wijsgemaakt – werd vanaf 1 januari 2015 de leeftijdsgrens SWT (het vroegere brugpensioen) opgetrokken naar 62 jaar. Als waardering voor de oudere werknemers kan dit echt wel tellen. Jammer dat er onder druk van enkele conservatieve organisaties overbodige overgangsmaatregelen werden gerealiseerd. Jongeren zullen nog even moeten wachten om een vaste job te kunnen innemen. Maar in het kader van werkverdeling en flexibilisering zal dit niet zo zwaar wegen.
In het kader van het toekomstig werkbaar werk, was het dan ook noodzakelijk om de werknemers te laten wennen aan het langer werken. Vandaar dat ook de landingsbanen in de toekomst pas mogelijk zullen worden vanaf 60 jaar. Ook daar werden tijdelijke niet noodzakelijke overgangsmaatregelen voorzien.
Wat de eindeloopbaan betreft, diende alles op alles afgestemd te worden. We kunnen moeilijk op pensioen gaan op 60 jaar, wanneer we pas met SWT kunnen vanaf 62 jaar. Vandaar dat jullie de pensioenleeftijd dan ook hebben opgetrokken naar 67 jaar. Voor de ouderen onder ons zijn er nogmaals overgangsmaatregelen voorzien. Voor de jongeren onder ons is het goed, dat het duidelijk wordt, dat zij nu minstens iets langer mogen blijven werken dan de gemiddelde gezonde leeftijd (= 65,5 jaar).  
Daarenboven is er nu verplichting voor alle oudere werklozen en bruggepensioneerden om tot hun 65ste beschikbaar te blijven voor de arbeidsmarkt. Ik kijk uit naar de werkgevers die deze mensen opnieuw, met plezier aan een baan zullen helpen.
Het is ook logisch dat daarbij de pensioenbonus (de pensioenbonus is een extraatje boven op het wettelijk pensioen dat in 2007 werd ingevoerd om mensen aan te moedigen zo lang mogelijk te blijven werken) werd afgeschaft, zeker wanneer je onze pensioenbedragen vergelijkt met deze in het buitenland. 
Onrechtstreeks gelieerd aan het eindeloopbaanverhaal is het tijdstip van uitbetaling van de groepsverzekering. Lange jaren hebben we de groepsverzekering gepromoot. We hebben iedereen warm gemaakt om te sparen voor later. Tot op heden konden werknemers deze spaarpot met een behoorlijk rendement opvragen op de leeftijd van 60 jaar. Het is goed dat jullie de werknemers nu in bescherming nemen en wettelijk hebben vastgelegd dat ze deze bedragen, bij geluk van leven, pas zullen kunnen opvragen bij de wettelijke pensioenleeftijd. Ze zullen het nodig hebben. Want het rendement werd drastisch verlaagd onder druk van de financiële markten. Indien ze hun menswaardig bestaan later verder willen zetten, zullen ze de groepsverzekering nodig hebben als aanvulling bij hun pensioenbedrag. Jammer van de werknemers zonder groepsverzekering (of met belachelijk lage bedragen), maar ze waren vooraf verwittigd!
Natuurlijk moet er heel attent opgevolgd worden welke verschuivingen zich voordoen omwille van genomen beslissingen. Werkloosheid, tijdskrediet en ziekte-uitkeringen zouden wel eens kunnen misbruikt worden door het plebs.
Het is niet slecht om onmiddellijk duidelijkheid te creëren. Een beleid van geld geven om niets te doen, pampert diegenen die van slechte wil zijn. 
Vandaar dat de genomen maatregelen in de werkloosheid een aanzet zijn om de mensen te stimuleren om actief te zijn en zelf oplossingen te vinden voor hun problemen. Volgende maatregelen zijn mij opgevallen: werknemers die economisch werkloos worden, ontvangen nog altijd een werkloosheidsvergoeding van 65% van het begrensde loon. Voordien was het weliswaar nog 75%. Doch dit wil zeggen dat wanneer de werkgever voor betrokkenen werknemer geen werk heeft, deze toch nog een inkomen kan genieten uit onze ruime solidariteit.
Bij onvrijwillig deeltijdse werknemers (er zijn er veel die geen voltijds contract krijgen van hun werkgever) verminderen jullie de helft van hun aanvullende uitkering. Van de caissière in uw supermarkt tot de schoonmaakster bij u thuis. Hoe kunnen jullie deze werknemers anders stimuleren om meer te gaan werken? Waarom nog een vergoeding betalen?
Oudere langdurig werklozen (die na ontslag geen bedrijfstoeslag van de werkgevers meekregen), verliezen hun anciënniteitstoeslag van de RVA (maar eventjes tot 29% minder inkomen.)  Ze moeten echt niet gaan profiteren van de jongere werknemers. Ze hebben de goede jaren meegemaakt en hebben genoeg kunnen sparen voor hun oude dag.
Ook jongeren hadden tot nu het idee, dat ze zonder werken een vergoeding konden genieten. Ook hier werd de riem aangehaald. Zo moeten jonge schoolverlaters zonder toereikend diploma bij werkloosheid tot hun 21 jaar wachten op een inschakelingsuitkering en werd deze beperkt tot de leeftijd van 25 jaar. 
Wat het tijdskrediet betreft, is het goed dat het ongemotiveerde systeem zo goed als werd afgeschaft (geen uitkeringen meer). De uitleg dat dit systeem werd gebruikt om privé en werkleven beter op mekaar af te stemmen was heel sterk overroepen. Iedereen weet toch dat dit massaal (0,4%) werd gebruikt om op wereldreis te gaan. We gaan deze toeristische uitstappen toch niet verder blijven financieren vanuit de solidariteit!
Waar nu vooral moet worden op gelet, is dat er niet velen met gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel ongemotiveerd zouden overstappen naar de ziekteverzekering. Het is goed om inactieve werknemers te activeren. De vraag is: zijn niet veel zieken oorzaak van hun ziekte. Zijn ze slachtoffer of schuldige, profiteur? De stok achter de deur is natuurlijk het verminderen van de ziekte-uitkeringen. Ik ben er van overtuigd dat de werkgevers heel tevreden zullen zijn dat hun werknemers opnieuw na een ziekte aan de slag kunnen. De progressieve tewerkstellingen zullen massaal toenemen.
De economie zit in een slop en de bedrijven hebben het heel moeilijk. De enige oplossing zijn jobs, jobs en nog eens jobs. Niet de zogenoemde rechtvaardige fiscaliteit is de oplossing. Wel het verlagen van de loonlasten. Daarom, de indexsprong vanaf 1 april 2015. Geen enkele indexering van lonen, uitkeringen en pensioenen, tot er 2 % aan koopkracht is ingeleverd én opgebracht voor de werkgevers. Praktisch was het jammer genoeg waarschijnlijk niet mogelijk om dezelfde inspanning te vragen met betrekking tot huurprijzen, energieprijzen, verzekeringspolissen, …. Of aan zelfstandigen, vrije beroepen, dividenden, ….
Deze 2% loonlastenverlaging die werkgevers kunnen genieten, zullen misschien als het economisch klimaat het toelaat, kunnen helpen om jobs, jobs, jobs te creëren! Jammer, maar de financiële markten hebben het anders voorzien. We kunnen het misschien later nog eens proberen. Hopelijk levert het dan wel iets op.
We kunnen niet alle positieve maatregelen op het conto van deze regering schrijven. De vorige had reeds een goede aanzet gegeven door de opzegtermijnen optimaal ter hervormen. Bedienden waren, zijn, solidair met de arbeiders. Voor de bedienden werden de maximale opzegtermijnen drastisch verlaagd. Wat logisch is, wanneer we de vergelijking maken met andere Europese landen. Vroeger had een bediende met ± 30 jaar dienst recht op ongeveer 30 maanden opzeg, nu nog op een kleine 17 maanden. Van deze 17 maanden moet de werknemer nu zelf zijn outplacement betalen en niet meer de werkgever. Het is goed dat hij zelf ook de nodige verantwoordelijkheid neemt om terug aan een job te raken. Straks moet ook nog 1/3 van zijn opzeg omgezet worden in een pakket van inzetbaarheidsmaatregelen, wat dat ook betekent!
In het kader van het ontslag werd het rechtmatig afdwingbare willekeurig ontslag bij arbeiders vervangen door de papieren, juridisch onbruikbare, ontslagmotivering voor alle werknemers.
Nu wenst de regering ook nog dat de sociale partners samen in gemeenschappelijk overleg de proefperiode opnieuw zouden gaan invoeren. Dit wil zeggen dat wanneer de werkgever tijdens een bepaalde periode een werknemer zou willen afdanken, dit hem geen geld mag kosten.
Er werden reeds zo veel maatregelen genomen dat er reeds velen in de diepe put van de vergetelheid zijn beland. Ik probeer me verder te beperken tot arbeidsgerelateerde thema’s. Ik zal het derhalve niet hebben over de verhoging van onze energie- en waterfactuur in het belang van de duurzaamheid. Of over de verhoging van de prijs van de kinderopvang, de geweldige toename van het inschrijvingsgeld hoger onderwijs, de verdubbeling van onze zorgverzekering in het belang een solidaire samenleving. Of …. Ik probeer me verder te focussen op de relatie werkgevers/werknemers.
In juli kwam er de lang gevraagde tax shift. Deze gaf misschien niet wat er echt van verwacht werd. Maar toch, je moet het toch maar doen. Een belangrijke lastenverlaging voor de werkgevers (34% werkgeversbijdrage wordt 25%), met als enig doel, jobs, jobs en nog eens jobs. Er kan natuurlijk geen enkele zekerheid gegeven worden over deze jobs. Alles hangt af van de financiële markten en de economische situatie. Daar bovenop kwam er nog een vermindering van de sociale bijdrage voor de eerste drie aanwervingen, vervroegde verhoging van vrijstelling van bedrijfsvoorheffing voor ploegenarbeid en volcontinu arbeid en specifieke maatregelen voor hoogtechnologie. Ook de werkende werknemers krijgen een netto voordeel. Of toch enkelen onder hen en misschien op iets langere termijn. Eerst moet dit wel betaald worden via hogere btw op elektriciteit, hogere accijnzen, versnelde degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen, vermindering van de ziekte- en werkloosheidsuitkeringen, verhoging van de werkgeversbijdrage bij SWT, verhoging van de belasting op uw aanvullend pensioen, stopzetting van de gelijkstelling voor pensioen van niet-gemotiveerd tijdskrediet voor de berekening van uw loopbaan, …
In de horeca is het altijd moeilijk inschatten wanneer het druk zal worden, vandaar dat het een godsgeschenk - met of zonder hoofdletter – is dat de flexijobs werden gecreëerd. Ook hier reageerde het middenveld ongemeen en ongenuanceerd scherp op. Het is inderdaad zo dat deze flexijobbers hun eigen vakantiegeld zullen betalen, het is inderdaad zo dat deze flexijobs reguliere voltijdse banen zullen verdringen, het is inderdaad zo dat deze werknemers zonder respect van de arbeidswetgeving zullen kunnen worden opgeroepen wanneer het de werkgever past, het is inderdaad zo dat deze werknemers, wanneer er geen werk meer is, zo maar naar huis kunnen gestuurd worden, het is inderdaad zo dat er geen garantie is op een minimum aantal uren per week, het is inderdaad zo dat er kan gewerkt worden met mondelinge contracten, ….. Doch, lucrum sine damno alterius fieri non protest (**)
Het is goed om weten dat dit waarschijnlijk de toekomst wordt voor heel veel werknemers. Open VLD voorzitster Rutten gaf dat al duidelijk aan: “De horeca is een testcase, ook voor de nieuwe economie. Als dit flexstatuut werkt, kunnen andere sectoren er ook gebruik van maken.” We kijken er naar uit.
En dan de modernisering van de arbeidsmarkt. Het langverwacht opus magnum van deze regering.
Eindelijk is er de afschaffing van de oubollige 38-urenweek. Er bestond weliswaar reeds een wettelijk systeem van kleine flexibiliteit, maar dit diende onderhandeld te worden door de sociale partners. Voor jullie geen tijdsverlies meer. Daar doen jullie niet aan mee! Wat dit nieuwe idee nu juist betekent, valt voorlopig moeilijk in te schatten, maar het klinkt wel sexy. We kunnen vanaf nu maximum 45 uur per week werken of minimum 31 uur, en dit berekend over een gans jaar (gemiddeld 38 uur). De flexibiliteit op maat van de werknemer. In de zomer zullen we kunnen kiezen om minder te werken. Volgens De Croo ‘de jongere’, maakt het huidig systeem het mogelijk om in vakantiemaanden fors minder te werken en zo tijd te maken voor het gezin. En volgens Acerta zijn drie kwart van de werknemers vragende partij. Hoera!! Maar, zou deze stelling ook kunnen kloppen? Laat me nu toch even de wenkbrauwen fronsen. Het is toch logisch dat we meer zullen werken wanneer er meer werk is en minder wanneer de vraag daalt. Het zal het economisch systeem zijn, dat zal bepalen wanneer we al dan niet zullen werken. Leg dat maar uit aan uw kinderopvang. 
Ondertussen, wanneer we de overurenregeling van de kleine flexibiliteit zouden toepassen, dan zou  ook de overurentoeslag boven de 38 uur per week wegvallen (tot 45 uur/week). Dit kan belangrijk zijn om de economische concurrentiepositie van de bedrijven te verstevigen.
Los daarvan is het goed dat jullie de arbeidswet proberen aan te passen zodat er minder en minder mensen onder deze belangrijke of is het belachelijke arbeidswet zouden vallen wat betreft de arbeidsduur. Ik zie hier dat jullie de Russische communistische gedachte mee vorm geven, waarbij iedereen een leidinggevende functie dient te hebben (of toch zo veel mogelijk).
Naast deze modernisering werden nog enkele belangrijk noviteiten ontwikkelt in het kader van het werkbaar (wendbaar) werk, ik beperk me tot de belangrijkste: 
Boven de grenzen zoals hierboven genoemd (maximum 45 per week, gemiddeld 38 uur over een gans jaar) kunnen we nog overuren presteren. De werknemer zal kunnen kiezen om de eerste 100 overuren (in sectoren kunnen we er zelfs 360 van maken = meer dan 2 maanden) te laten uitbetalen of ze op een ‘loopbaanrekening’ te zetten.
Op die loopbaanrekening zal je naast overuren ook vakantiedagen, eindejaarspremie (?), … kunnen plaatsen. Plezant. Heel goed, heren politici. Wanneer ik later eens mijn loopbaan wens te onderbreken, dan zal ik dit kunnen indien de werkgever ermee akkoord gaat. Want het niet gemotiveerd recht op tijdskrediet (vroeger loopbaanvermindering) werd immers door jullie afgeschaft. Of wanneer de werkgever mij zal ontslaan, zal ik dan tenminste het begin van mijn werkloosheid zelf kunnen betalen. Dank u van harte.
Uitzendarbeid, interims ( = tijdelijke werkkrachten) zullen nu kunnen tewerkgesteld worden voor onbepaalde tijd.
Bedrijven zullen vanaf nu werknemers kunnen delen. Als dat niet werd geïnspireerd door de solidariteitsgedachte, dan weet ik het niet.
En wetende dat er zoveel oneerlijke werknemers en werkgevers zijn, ons land loopt er vol van, zullen we nog wat strenger controleren op werkloosheid, gemotiveerd tijdskrediet, ziekte, …. (dit zal zeker de nodige miljoenen opleveren voor onze begroting).
Daarnaast zijn er ook zoveel oneerlijke buitenlanders in ons land. Op vraag van de bevolking wordt de termijn op 3 maanden tewerkstelling in België gebracht vooraleer ze kunnen genieten van werkloosheidsuitkeringen. Of toch voor die vreemdelingen uit landen waar we geen verdrag mee hebben.
Ook de economische werkloosheid zal worden verstrengd. Jongeren die niet voldoen aan de werkloosheidsreglementering zullen hiervan niet meer kunnen van genieten (opnieuw een besparing van bijna 31 miljoen euro).
Heel positief is wel dat werklozen nu een bijberoep zullen kunnen starten terwijl ze stempelen en dat de werkgevers (+ 20 werknemers) zullen moeten investeren in vorming zonder dat dit aanleiding mag geven tot een loonkostenverhoging. Wie zal dit betalen, wie heeft zoveel geld? 
Als tegenprestatie moeten de werknemers dan akkoord gaan, dat deze vorming kan worden gegeven buiten de arbeidstijd, zonder dat deze uren recht kunnen openen op overloon. Oef, vanaf nu kunnen we de arbeidstijd opnieuw gebruiken voor de noodzakelijke arbeid! 
Ik vergat het bijna. Hier op een diefje. Collega-werknemers met een variabel uurrooster (zo zijn er wel enkelen), die werken op plaatsen waar we niet altijd weten of er voor hen werk zal zijn, zullen vanaf heden nog slechts redelijkerwijs de dag vooraf (= 1 dag) moeten verwittigd worden of ze al dan niet moeten komen werken. Ik vermoed dat onze toppolitici nu nog met de Vlaamse regering afspraken aan het maken zijn over werkbaarheid en betaalbaarheid van de kinderopvang. Nog even geduld.
Ergens staat ook genoteerd dat de nacht pas zou beginnen vanaf 22 uur. Zou dit willen zeggen da de nachttoeslag pas dient betaald te worden na 22 uur? Nog even nazien.
Tot slot betreffende deze modernisering, nog een laatste staaltje van uitmuntende solidariseringsgedachte binnen onze politieke meesterbreinen. Vanaf nu zullen we - de werknemers - verlofdagen (van onze 4 weken wettelijk verlof, die niet op onze loopbaanspaarrekening staan) kunnen schenken aan collega’s die zwaar zieke kinderen opvangen. We moeten deze collega’s niet meer helpen met een maatschappelijk uitgebouwd systeem. Oef! Hou uw collega’s vanaf nu maar goed te vriend. Ik weet niet of het toegelaten zal zijn deze vakantiedagen te verkopen en wat dan het belastingtarief daarop zal zijn.
Voilà. Dit is een ganse boterham. Bedankt voor het vele werk. Ik verneem dat er nu nog enkele belangrijke dossiers op tafel liggen zoals de wet van ’96. Het is hoog tijd om de loonkost nog beter onder controle te krijgen. Wat zullen we er nu van maken? Nog een loonstop of nog een indexsprong ten voordele van de werkgevers?
Ook het herenakkoord moet nog verder uitgewerkt worden. Kamerlid Zuhal Demir (N-VA) heeft het volledig gehad met de vakbonden. De heren Ducarme (MR) en Van Quickenborne/Lachaert (Open VLD) hebben reeds verschillende wetsontwerpen ingediend betreffende de rechtspersoonlijkheid van de vakbonden, het stakingsrecht, het recht op vrijheid van werk. Het wordt hoog tijd, het monetarisme van Friedman in gedachte, om deze onmogelijke organisaties de mond te snoeren. Ze hebben in een moderne maatschappij geen enkele meerwaarde meer. Ieder individu is op heden zo geëmancipeerd dat hij individueel de nodige afspraken kan maken met zijn werkgever, zonder noodzakelijke collectieve bescherming.
Collectieve actie verstoort economische en financiële processen. Collectieve afspraken ook. Hoe kunnen jullie deze processen nu nog verder afbouwen of vernietigen?
Van Bart, Gwendolyn en Michel kan ik heel goed begrijpen dat het hun taak is het sociale model, die berust op collectieve solidariteit te ondergraven. Jammer genoeg hebben vele Vlamingen (Belgen) hen hun stem gegeven.
Van Kris en Wouter had ik toch nog meer verwacht.
Op de site van De Standaard las ik op zaterdag 17 april het volgende: “Kris Peeters waarschuwt: in juli gaan we pas écht diep snijden”. We kijken er naar uit. Werknemers onder ons, hou jullie klaar, want er is al niet veel meer om nog verder in te snijden.
Kris en Wouter, hierbij een laatste positieve bedenking: « Malus bonum ubi se simulat, tu es pessimus » (***). Vraag jullie vriend Bart maar tekst en uitleg.
Ik ben het moe.
Gino Dupont
(*) De mensen geloven graag wat ze willen
(**) Het is onmogelijk winst te halen, zonder een ander te schaden.
(***) Nooit is een slechter mens slechter dan wanneer hij zich als een goed mens voordoet.