Je loon in pc 341

Loon4
Vanaf 1 januari 2017 stijgen de lonen in het paritair comité voor de zelfstandige bankagenten (PC 341) met 1,13% door de jaarlijkse indexering. Deze verhoging is van toepassing op de baremalonen en de effectief betaalde lonen.
Via de index worden de lonen aangepast aan de stijging van de prijzen tijdens het jaar 2016. Dit is van groot belang voor het behoud van je koopkracht. LBC-NVK zal blijven ijveren voor het behoud van het indexmechanisme want met de vele prijsstijgingen van energie, water en andere voorzieningen biedt dit uiteraard de beste garanties voor de werknemer
De cao die de classificatie en de barema’s regelt in PC 341 trad in werking op 1 januari 2016. Voordien golden de minima van PC 200 (het vroegere PC 218) inzake barema’s.
Sinds 1 januari 2016 zijn er eigen weddeschalen van PC 341. Onderaan vind je de geactualiseerde tabel. Het gaat om minima. In werkelijkheid kan je reële loon hoger liggen.
Bij de totstandkoming van de nieuwe minimumweddeschalen hebben de sociale partners de bankbarema’s als referentie genomen. De weddeschalen vertonen een sterke gelijkenis. Om de te respecteren minimum weddeschaal te berekenen dient men wel 12 maandlonen te nemen en deze vervolgens door 13 te delen.
Het sectoraal minimum barema is opgebouwd in 7 loonklassen. Dit stemt overeen met 7 functiecategorieën. Meer info hierover vind je in de rubriek functieclassificatie.
Gedurende 46 ervaringsjaren kan je loon progressie maken. De ervaring waarover je beschikt bepaalt het minimumloon in elke functiecategorie. Beroepservaring opgedaan in andere financiële sectoren worden gehonoreerd. Beroepservaring in andere ondernemingen telt mee voor maximaal 20 jaar. Periodes van deeltijdse schorsing wegens tijdskrediet, thematische verloven en arbeidsongeschiktheid worden gelijkgesteld met ervaring. Periodes van voltijdse schorsing wegens ziekte, arbeidsongeval en beroepsziekte ook. Voltijds tijdskrediet telt mee voor maximaal 3 jaar.
Het aanvangsloon ligt op niveau 0 bij 0 jaar ervaring. Bij categorie 1 tot en met 4 wordt het aanvangsloon op niveau 3 indien men over een bachelordiploma beschikt. Bij categorie 4 tot en met 7 is het aanvangsloon niveau 4 indien men over een masterdiploma beschikt. Ieder masterdiploma dat een langere studieperiode betreft dan 4 jaar is 1 bijkomend ervaringsjaar (max= 7).
Iedereen aangeworven vóór 1 januari 2016 neemt zijn anciënniteit zoals die werd vastgesteld op 31 december 2015 mee volgens de regels die bestonden in het vorige paritair comité. Verdere evolutie gebeurt wel volgens de nieuwe barema's.
Aanpassing van de effectief uitbetaalde lonen aan het indexcijfer van de consumptieprijzen gebeurt jaarlijks op 1 januari. Indexering gebeurt op de reële lonen.